De meter in De Bossche Broek geeft aan dat het grondwater zeer laag staat. Fotograaf: Alfred Heeroma - Bron: Den Bosch Politiek
De afgelopen twee maanden heeft het veel minder geregend dan het normaal doet. Dat leidt tot allerlei problemen. Zo geldt al sinds 16 juli code oranje, wat resulteert dat er extra alertheid is bij allerlei zaken waarbij water een rol speelt. Hierbij worden ook maatregelen genomen die vrij uniek zijn, maar ook zorgen voor economische schade.
Oppevlaktewater
Nederland is voor het water vooral afhankelijk van het regenwater en het water dat via rivieren uit Duitsland (Rijn) en Belgiƫ (Maas en Dommel) wordt aangevoerd. Een deel van dat water wordt opgeslagen bijvoorbeeld in het IJsselmeer, maar het overschot voeren we in Nederland zo snel mogelijk af naar de zee. Tot nu toe leverde dat geen al te grote problemen op, maar dat dat is de afgelopen tien jaar fors aan het kantelen en komen er steeds vaker te natte of te droge perioden voor.
Tijdens droge perioden moet het opgeslagen water worden aangesproken. Dat levert dit jaar voor eerste echt een probleem op. Diverse kleine waterlopen zijn al drooggevallen en ook bij agrariƫrs is de voorraad op.
West-, Midden en Noord Nederland staan al onder verscherpt toezicht, omdat hier door minder water verzilting dreigt. Dat kan omdat zout water vanuit zee makkelijker en dieper het land in kan komen, maar ook omdat het zoute water, dat al diep in de grond zit, nu omhoog komt door de lage grondwaterstand. Verzilting kan er voor zorgen dat planten minder goed groeien of zelfs afsterven. Daarom zijn in Zuid-Holland en in Twente een aantal sluizen op slot gegaan. Hierdoor kunnen bedrijven niet meer worden bevoorraad. Dit levert economische schade op.
Om water beter vast te houden hebben de waterschappen in Oost Brabant de stuwen op de hoogste stand gezet. Daarmee wordt voorkomen dat water dat er nog is, weg kan stromen. Ook zullen ze meer stuwen gaan bouwen, daarmee hopen ze begin 2027 klaar te zijn. Er zijn beperkingen voor het onttrekken van oppervlaktewater voor agrarisch gebruik, al betreft dat tot nu beperkte gebieden. Bij aanhoudende droogte kan het waterschap aanvullende maatregelen nemen.
Transport
De Maas (regenrivier) en Rijn (smeltwaterrivier) voeren op dit moment historisch weinig water aan. Dit heeft gevolgen voor de scheepvaart. Als schepen nog kunnen varen, dan kunnen ze veel minder vracht meenemen. Daarmee wordt het ervoer duurder. Alternatieven kunnen zijn dat vracht via het spoor wordt vervoerd, maar daar is de capaciteit beperkt. Vervoer over de weg is een andere optie, maar daar is de capaciteit beperkt, want er kan niet zomaar een blik vrachtwagenchauffeurs worden opengetrokken. Ook dit verhoogd de transportkosten. In Duitsland heeft men nu toegestaan dat vrachtwagens ook op zondag mogen rijden, iets wat de afgelopen 70 jaar niet mocht. Op basis van historische gegevens kan de lage rivierstand tot oktober duren en dat terwijl de waterstand in de rivieren al historisch laag is.
Niet alleen de scheepvaart voor het vervoer van goederen ervaart een probleem van het lage water, ook het recreatief varen wordt lastiger. Dit heeft te maken dat steeds meer havens te weinig water hebben om boten te ontvangen of te laten vertrekken. Hier ontstaat ook economische schade. Ook steeds meer pontjes worden uit de vaart genomen, waardoor reistijden toenemen.
Grondwater
Veel van het regenwater wordt ook in de bodem opgeslagen, het grondwater. Hoe hoger het grondwater staat, hoe drassiger de bodem wordt. Voor landbouwers is dat lastig, omdat ze dan niet met zware voertuigen het land op kunnen. Daarom wordt al lange tijd het grondwaterpeil laag gehouden. Dat kan enerzijds door het water op te pompen en anderzijds door meer water af te voeren. Nu lijkt het erop dat in droge periodes dit een probleem geeft, want door minder grondwater, kan er ook minder worden opgepompt, bijvoorbeeld om planten te besproeien.
Een ander probleem van een lage grondwaterstand in een droge periode is dat de grond gaat inklinken. Daardoor kunnen woningen gaan verzakken. Het aantal woningen dat hier last van heeft neemt de laatste tijd toe. Een ander probleem van het inklinken is dat de bodem hard wordt. Dat kan een probleem geven als het later in het jaar fors gaat regenen. De bodem kan dan veel minder water opnemen, waardoor het water op het land blijft staan.
De lage grondwaterstand heeft ook gevolg voor de natuur. Planten die geen diepe wortels hebben kunnen hierdoor slechter of niet bij het water en sterven af. Dit geeft vooral bij bomen een probleem. Veel inheemse bomen zijn gewend dat er het hele jaar voldoende water is. Nu dit al een paar jaar niet zo is, worden de bomen zwakker en sterven af. Voor liefhebbers van bossen kan dit ook gevolgen hebben. Zo zijn er al een aantal gebieden afgesloten omdat er spontaan takken kunnen afbreken en dan wil je niet dat daar net iemand onder loopt.
Zwemwater
Bij warm weer zoeken mensen vaak verkoeling op. Dit kan bij zee, maar ook bij binnenwater. Dit jaar is het water van de Noordzee record warm. Het levert hier nog voldoende verkoeling op, maar onderwater levert dit wel een verandering op. Stichting Anemoon monitort al jaren de soorten die onderwater worden waargenomen. Ze merken de afgelopen jaren een toename van soorten die eerder alleen bij Spanje of Frankrijk worden waargenomen. Sowieso is er er verschuiving van soorten omdat bijvoorbeeld ook het water van de Middellandse zee tropisch warm wordt.
Niet alleen is er een toename van nieuwe soorten, ook groeien algen veel sneller. Blauwalg is wellicht de bekendste soort. Als die in het water zit, is het ongeschikt als zwemwater, niet alleen voor de mens, maar ook voor huisdieren. Divers openbaar water wordt regelmatig gecontroleerd. Op de website van zwemwater is zichtbaar waar het water veilig is. Plekken die niet gecontroleerd worden, kunnen het beste worden gemeden.
Ook wordt er vaak gezwommen in kanalen of kleinere rivieren. Dit is niet toegestaan en springen vanaf bruggen kan zelfs gevaarlijk zijn. Zeker als de waterstand laag is.
Ook de groei van andere algen neemt toe. Dit was goed zichtbaar in de vijver van het Paleiskwartier. Daar was het water bedekt met een dikke groene drab van algen, maar dat is vandaag weggehaald. Het is geen garantie dat het niet meer terugkomt.
Drinkwater
Drinkwatermaatschappijen geven aan dat er nu nog voldoende drinkwater beschikbaar is. Dat wil niet zeggen dat er geen probleem is. In west Brabant was al gewaarschuwd dat er na 2027 een tekort kan ontstaan en voor oost Brabant geldt dit voor na 2030. Daarom zijn er nu al campagnes om mensen bewuster om te laten omgaan met drinkwater. Gemiddeld genomen ligt het verbruik per persoon op 110 tot 120 liter per dag en dat moet terug naar 100 liter per dag of nog minder. Dit vraagt om een bewuster gebruik van drinkwater. Niet alleen minder douchen, maar ook om systemen die bijvoorbeeld het douchewater opvangen en dat (na filtering) gebruikt kan worden om het toilet mee door te spoelen of de tuin te sproeien.
Verkiezingen
Hoe er met water moet worden omgegaan vraagt steeds betere afwegingen. Doordat er steeds vaker extremen voorkomen (de afgelopen vier jaren waren of te nat of te droog op een bepaald moment) zal er iets moeten veranderen. Zo moeten nu al de dijken extra gecontroleerd worden, omdat deze door droogte kunnen gaan scheuren. Schapen mogen bijvoorbeeld op een aantal dijken niet meer grazen, omdat de vegetatie zich niet meer kan herstellen. Volgend jaar is er (tegelijk met de provinciale verkiezing) een verkiezing voor het waterschap. Vaak is daar weinig belangstelling voor, maar het werk van waterschappen en de keuzen die worden gemaakt, zullen wel steeds meer invloed krijgen.